Interview met… Michiel van der Voort

Michiel van der Voort ● michiel.van.der.voort@isqi.org

Michiel van der VoortMichiel van der Voort is een trouwe bezoeker van TestNet evenementen. We zien hem vaak, maar niet iedereen zal hem kennen. Terwijl Michiel toch een belangrijke rol speelt in het bestaan van vele testers. Daar willen we meer van weten!

Michiel, ik ken je inmiddels wel, maar dat geldt niet voor vele van onze TestNet-medeleden. Vertel ons eens wat je zoal doet in je arbeidzame leven.
Ik ben, zoals dat zo mooi heet, Managing Director van iSQI in Nederland, het internationale ICT- exameninstituut. Drie jaar geleden kwam iSQI op het idee om een kantoor in Nederland te openen om op die manier de Belgische en Nederlandse opleiders beter van dienst te zijn bij het afnemen van ICT-examens. iSQI was al langer actief in beide landen en zag mogelijkheden om verder te groeien. Ikzelf zat al een jaar of twintig in de wereld van ICT-examens. Voor mij persoonlijk was het dus een erg leuke uitdaging om voor iSQI iets geheel nieuws op te zetten, gericht op België en Nederland. Nu drie jaar later is wat mij betreft duidelijk dat het een goed idee was; ik krijg in ieder geval veel positieve reacties.

iSQI dus! Je bent voor ons de toegangspoort naar de felbegeerde CAT, ISTQB, TMMi, CMAP, IREB en nog veel meer certificaten… Vertel eens: Waarvoor heb ik als tester eigenlijk zo’n certificaat nodig?
Dat kan om verschillende redenen zijn. Bijvoorbeeld omdat je een ISTQB-cursus hebt gedaan en voor jezelf wilt aantonen dat je de onderwerpen beheerst. Het kan ook een verplichting van de werkgever zijn, soms gekoppeld aan de betaling van de cursus. En er zijn bedrijven die aan hun klanten willen laten zien dat ze op een serieuze wijze met opleidingen omgaan. Maar misschien wel het belangrijkste is dat een certificaat altijd gekoppeld is aan een de-facto standaard, of het nou ITIL-certificering is als de facto standaard voor service management opleidingen of ISTQB voor software testing opleidingen. Kiezen voor een certificaat is dus kiezen voor een standaard. Dat heeft veel voordelen: denk aan herkenbaarheid, internationale erkenning, gestandaardiseerde begrippen en concepten. Maar natuurlijk zijn er ook nadelen: niet elk onderwerp leent zich even goed voor standaardisatie. Een certificeringsstandaard van iSQI is altijd onafhankelijk, relevant voor de professional en internationaal.

Er zijn ook uitgesproken tegenstanders van certificering van testers, zie bijvoorbeeld het ‘professional testers’ manifesto. Hoe dien je hen van repliek?
Als ik in een vliegtuig stap, dan ga ik ervan uit dat het toestel technisch is getest en goedgekeurd, dat alle software uitvoerig is getest en goedgekeurd, dat de bemanning is getraind en gecertificeerd, dat de piloot voor vertrek rond het toestel heeft gelopen en heeft geverifieerd dat het in orde is. Ik zou niet aan boord gaan als aan die voorwaarden niet is voldaan. Het gaat om vertrouwen: als passagier van een vliegtuig moet je vertrouwen hebben en kunnen hebben, anders kun je maar beter niet instappen. Een certificaat geeft een fundament aan dat vertrouwen.
Een van de uitspraken van het genoemde manifesto is ‘testing is not a profession that can be standardized’. Het succes van ISTQB en TMAP bewijst het tegendeel; het toont aan dat standaardisatie wel degelijk een belangrijk onderdeel is van het testvak. Net als elk ander vak trouwens. Een voordeel van standaardisatie is dat het juist ruimte maakt voor de ‘intellectual professional activity’ waar de opstellers van het manifesto voor pleiten.

Iets anders: ik hoor als docent wel eens gemor over de kwaliteit van examenvragen. Kun je toelichten hoe iSQI de kwaliteit van de examens bewaakt en verbetert? Da’s goed voor ons vertrouwen…
Er is een aantal dingen die je moet doen als je een examen ontwikkelt. Ten eerste worden de onderwerpen en de niveaus beschreven in een syllabus (de exameneisen). Daarnaast geeft die syllabus of toetsmatrijs aan hoeveel vragen er over welk onderwerp gesteld gaan worden. Dat is eigenlijk de specificatie van het examen: welke onderwerpen, welk niveau, hoeveel vragen. Dan zijn er diverse richtlijnen over het ontwikkelen van de vragen zelf. ISTQB en IREB hebben dat heel duidelijk beschreven.
Daarnaast houden we bij iSQI de statistieken nauwlettend in de gaten: welke vragen scoren goed, zijn er vragen die bijna niemand goed beantwoordt, et cetera. We werken ook met vragen-banken: dan heb je een database met vragen en een algoritme om daaruit allerlei verschillende en toch gelijkwaardige examens samen te stellen. Dat werkt heel goed, maar het kan altijd gebeuren dat er een vraag is die mensen op het examen anders interpreteren dan bedoeld. Daar zijn we bij iSQI heel alert op. We willen niet dat iemand onterecht zakt. Of slaagt trouwens.

Je bent zelf ook lid van TestNet. Hoe zie jij de relatie tussen ISQI en TestNet? 
TestNet vind ik een heel bijzondere organisatie. Er zijn niet veel organisaties die in staat zijn zoveel goede en goed bezochte evenementen te organiseren. Ik ken weinig organisaties zoals TestNet in andere landen. De Nederlandse testers zijn dus heel goed georganiseerd en iSQI ondersteunt dat natuurlijk graag. De laatste tijd richten we ons bij iSQI steeds meer op de professionele ontwikkeling, de carrière van software quality professionals. Het zou mooi zijn als we aankomende testers een perspectief kunnen geven. Welke onderwerpen zijn belangrijk naast testen? Wordt programmeren belangrijker door test automation? En is TDD de brug naar de ontwikkelaar? Wat is de invloed van Agile op de kennis en vaardigheden van de tester? TestNet is voor iSQI een platform waar we ontwikkelingen in het testvak kunnen volgen en voeling kunnen houden met wat er leeft binnen de Nederlandse testcommunity.

Je hebt in dit interview het laatste woord. Wat wil je ons nog meegeven?
Tja, vooral dat iSQI altijd benieuwd is naar ervaringen, reacties en nieuwe ideeën. Wij zijn er om de Nederlandse testwereld te helpen. Dat lukt beter naarmate we meer feedback van die testwereld krijgen. Van jullie, de TestNetters. Jullie kennen me nu wat beter, dus ik hoop dat jullie mij weten te vinden. Kom maar op!

 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *